De nieuwe CPR en het DPP: Wat betekent dit voor de kunststof kozijnenbranche?
De bouwsector staat aan de vooravond van een grote digitale en duurzame transitie. Voor professionals in de kunststof kozijnen branche is de herziene Construction Products Regulation (CPR 2024) het belangrijkste dossier van dit decennium. Vanaf januari 2026 zijn de belangrijkste nieuwe regels in werking getreden. Dit brengt ingrijpende veranderingen met zich mee voor de bedrijfsvoering, de administratie en de rolverdeling in de keten.
Waar duurzaamheid en digitalisering voorheen vaak een vrije keuze waren, worden ze nu een harde, wettelijke toelatingseis voor de Europese markt. Achter de schermen woedt echter een felle strijd over de praktische uitvoerbaarheid van deze plannen. Wat gaat er veranderen, waar liggen de gevaren, en hoe behoud je als professional je voorsprong?
1. Wat is de CPR en wie legt het op?
De CPR is de Europese verordening die de regels bepaalt voor het verhandelen van bouwproducten. Omdat het een verordening is, geldt deze direct in de hele EU. De Europese Commissie streeft hiermee naar een transparante markt met een scherpe focus op digitalisering en circulariteit. In Nederland houdt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) toezicht op de naleving.
CE blijft, maar wordt zwaarder
De CE-markering blijft bestaan, maar de achterliggende eisen worden flink uitgebreid. De traditionele prestatieverklaring (DoP) verandert in een DoPC (Declaration of Performance and Conformity): een verklaring van prestatie én conformiteit. Hierin worden milieuprestaties, zoals de CO2-voetafdruk en LCA-data (Levenscyclusanalyse), een verplicht onderdeel. Daarnaast worden de eisen rondom productidentificatie en interne kwaliteitsborging strenger.
2. Praktijkalarm: De ‘documentenlawine’ bedreigt het MKB
Kozijnen en deuren zijn geen gestandaardiseerde massaproducten; het is nagenoeg altijd klantspecifiek maatwerk. De oneindige variatie in profielen, glas, beslag en dichtingen zorgt voor een complexiteit die in de nieuwe Brusselse conceptplannen volledig over het hoofd wordt gezien.
De VKG deelt de grote zorgen van haar Duitse zusterorganisatie VFF (Verband Fenster + Fassade) over de huidige concepten voor de zogenaamde Standardisation Request die nog voor de zomer worden afgestemd. Als de plannen ongewijzigd doorgaan, dreigt er een administratieve en financiële strop voor met name het mkb:
- Van 1 naar 9 pagina’s: Waar nu een prestatieverklaring van één pagina volstaat, eist Brussel straks een document van minstens negen pagina’s per producttype. Er moeten straks maar liefst 60 technische kenmerken, 39 milieucriteria en 175 gevaarlijke stoffen per producttype worden gedeclareerd. Voor maatwerkfabrikanten betekent dit honderden documenten.
- Onnodige en dure laboratoriumtesten: Bestaande, efficiënte rekenmethodes dreigen te worden ondergesneeuwd door dure verplichte laboratoriumtesten bij keuringsinstanties (Notified Bodies), wat leidt tot enorme kostenstijgingen zonder extra consumentenbescherming.
- Capaciteitstekort bij testinstanties: Door de explosie aan verplichte certificeringen ontstaat er een onwerkbare wachtrij bij de Europese testinstanties, die nu al kampen met een tekort aan gekwalificeerd personeel.
- Do doelstellingen voorbij: In plaats van regeldrukvermindering en kostenverlaging zorgt dit voor een enorme stijging van de bouwkosten en een zware administratieve belasting van vakpersoneel.
Actieve lobby voor een praktijkgerichte oplossing
De VKG sluit zich aan bij het Europese initiatief om dit proces te beïnvloeden en eist, samen met andere Europese brancheorganisaties, een fundamentele herziening van de plannen vóór de stemming. De inzet is helder: het aantal te declareren kenmerken moet drastisch omlaag, de buitenproportionele emissie-eisen voor buitencomponenten moeten van tafel, en de administratieve lasten voor maatwerk moeten werkbaar blijven.
3. Montage op de bouwplaats: Wie is de fabrikant?
Een ander cruciaal punt in de nieuwe CPR is de verantwoordelijkheid voor de CE-markering bij assemblage. Het maakt voor de wet niet uit waar een kozijn wordt gemonteerd, maar wat er in de handel wordt gebracht. Als een aannemer losse componenten inkoopt en deze pas op de bouwplaats samenstelt tot een compleet kozijn, brengt hij een eindproduct in de handel. Volgens de CPR wordt hij dan aangemerkt als de fabrikant. Hij is dan volledig verantwoordelijk voor de CE-markering en de DoPC.
4. Van documenten naar data: Het Digitaal Product Paspoort (DPP)
De herziene CPR introduceert het Digital Product Passport (DPP). Dit wordt de komende jaren dé standaard voor het vastleggen en delen van productinformatie in de bouwsector. Het DPP fungeert als een digitale ‘identiteitskaart’ die via een gegevensdrager (zoals een QR-code) onlosmakelijk aan het kozijn is gekoppeld. Het DPP wordt naar verwachting vanaf 2031 verplicht.
De politieke realiteit is echter dat de technische database-eisen en IT-beveiligingsverplichtingen (die naar schatting honderden euro’s per jaar per bedrijf gaan kosten) nu al worden geschetst, terwijl de definitieve wettelijke basis pas rond 2027 wordt verwacht. Dit vergroot de onzekerheid voor fabrikanten.
Wanneer het eenmaal draait, moet de transitie zorgen voor:
- Een digitale bron van waarheid: Alle relevante informatie staat op één centrale plek: van prestaties (DoPC) tot milieu-impact en instructies voor onderhoud of recycling.
- Ketenintegratie en BIM: Het DPP zorgt voor een directe koppeling met BIM (Building Information Modeling) en andere datasystemen in de keten. Dit moet uiteindelijk zorgen voor snellere informatieoverdracht en minder administratieve lasten op de lange termijn.
5. CPR en het VKG Keurmerk: Jouw voorsprong in de markt
Hoe verhoudt deze nieuwe wetgeving zich tot het bestaande VKG Keurmerk? Heel simpel: de CPR vormt de wettelijke ondergrens, het VKG Keurmerk borgt de kwaliteit daarboven. Waar de wet zich primair richt op het product, gaat het VKG Keurmerk verder met strenge eisen aan het proces, de montage en de onafhankelijke controle daarop.
Verder zet de VKG zich achter de schermen keihard in als belangenbehartiger om te zorgen dat de uiteindelijke invulling in Brussel werkbaar blijft voor de praktijk.
Wat kun je nú al doen?
Wachten tot de storm overwaait is geen optie; data en aantoonbare duurzaamheid worden een cruciale concurrentiefactor.
- Breng je productdata in kaart: Zorg dat alle productspecificaties digitaal en gestructureerd beschikbaar zijn.
- Zorg voor inzicht in milieuprestaties: Breng de LCA en CO2-impact van je producten vroegtijdig in kaart.
- Verken digitale koppelingen: Kijk hoe jouw productdata kan aansluiten op BIM en andere platforms in de keten.
De VKG ondersteunt haar leden actief bij deze ontwikkelingen, strijdt mee voor een werkbare wetgeving in Europa en bouwt aan praktische, branchebrede oplossingen om de keten van kwaliteit toekomstbestendig te maken.